MET ATB DE NATUURVRIENDEN DEINZE NAAR FRANS VLAANDEREN.

Nabeschouwing door: Eric Samaey.

12 april 2019

“Waar “Waar de menschen nog Vlaoms koet’n”.

 

De maandelijkse uitstap van april werd groots opgevat:

• Een vólledige dáguitstap.

• Verplaatsing mét een bus én over de grens (schreve).

Als geboren en getogen Toeroetnaere toch deze rechtzetting, het is West Vlaams Frankrijk, niet Frans Vlaanderen, kijk alleen maar naar de namen van de Steden en gemeenten. Dunkerque-Coudekerque-Erkelsbrugge-……..-Bissezeele-Noordpeene en Zuytpeene-en kiek moa zelve verdre ip de koarte……

Genoeg, naar de essentie: De stopplaatsen.

 

STOPPLAATS-1: Terdeghem Steenvoorde – de site van de Steenmeulen.

Tevens een indrukwekkende verzameling van het landelijke leven uit het begin van de 20e eeuw, ook een getuigen park van oldtimer tractoren én uiteraard de molen zelf die wij konden bezoeken terwijl hij in productie was.

Enkele indrukken:

Het landelijke leven: Velen van ons herkenden hun pril bestaan in de verzameling van het landelijke leven (wij zijn niet meer van de jongsten), er was commentaar, véél commentaar. Boven in de molen (na 3 acrobatische molenaars trappen): De molenaar zette de molen in bedrijf en verschafte ons West Vlaamse uitleg.

ALLES IS INDRUKWEKKEND, BANGELIJK, MECHANISCH:

• De enorme kracht van de draaiende wieken.

• De houten tandwielen die de kracht van de horizontale houten as over brengt op de verticale houten as die op zijn beurt de steenmolens bedient en nog veel andere zaken ook.

• De oplossingen die gevonden werden om de molenaar toe te laten dat alles te beheersen én er gebruik van te maken.

STOPPLAATS-2: Patricia.

Wanneer je over de schreve gaat moet je een picon drinken, volgens het bestuur drink je de beste picon bij Patricia. Patricia beheert een kruidenierszaakje, anex verbruikers-proef plaats. Velen hebben een 2de picon gedronken.

STOPPLAATS-3: Volckerinckhove – “Herberghe in d’Hope”.

Als aperitief testten velen of de picon van Patricia wel degelijk de beste was, de meningen waren verdeeld, met een licht voordeel voor Patricia. De lunch “Les goûts et les couleurs ne se discutent pas”, maar hier is het bewezen: West Vlamingen beheersen “la cuisine française”. De flessen rood en wit verruimden bovendien de geest. Kortom: “Place to be” wanneer je naar West Vlaams Frankrijk gaat.

STOPPLAATS-4: Esquelbeck.

Vanuit de bus zie je de uitgestrekt landerijen, tot mijn verbazing aardappelvelden en nog eens aardappelvelden. Vanuit mijn kindsheid herinner ik mij nochtans de koppels bietenwerkers, géén aardappelwerkers, 2 x in het jaar voor +/- 3 weken hier in de bieten kwamen werken. Je zag wanneer ze terug zouden komen, hun vrouwen hadden lippenrood.

Esquelbeck

De na de brand heropgebouwde kerk (repetitie voor de “Notre Dame”?).

o De indrukwekkend mooie ripgewelven boden weerstand aan de brand, alleen de houten overwelvingen zijn in boogvorm hernieuwd.

o Zwart verkoolde houten beelden bewaren de herinnering aan de vuurhaard.

Het “Musée des Robots”.

Geen super gesofistikeerde elektronica, ALLES recup uit afgedankte apparaten, de gezichten eveneens eigen fabricaat, soms denk je echt dat ze u in het oog houden. Je loopt van de ene verrassing in een andere onmogelijkheid. Te veel om te tonen, je moet het zien. Dat vrouwke hiernaast, die deed trouwens uitnodigend naar mij.

Het gemotiveerde echtpaar, eigenaar van het museum, maakt veel van die bewegende robots samen met kinderen die van huis uit afgedankte en kapotte apparaten mee brengen.

Hier vernamen we trouwens dat Esquelbeck la commune de patates is (brandt de lamp?).

STOPPLAATS-5: en laatst“ Buerges Café de la Poste”.

Een terechte afsluiter van deze trip naar West Vlaams Frankrijk. Hier speelde de hilarische film “Bienvenu chez les Ch’tis” zich immers voor een groot deel af. Met dank aan ATB Natuurvrienden Deinze .